BLADMUZIEK (1)
oktober/december 2007
door Pieter Kuijper

a- intro
Even voorstellen: mijn roepnaam is Pieter, ik ben er eentje van de Hoornse garde die dit jaar nieuwbij DC Purmerend '66 is komen aanschuiven. Mij viel het voorrecht ten deel om voortaan een probleemrubriek op onze website te mogen verzorgen. Achter het bord ben ik een goeie middenmoter, je doet er wijs aan me niet te onderschatten maar angst en beven voor PK dat is nu ook weer niet direct nodig. In de wereld van de damproblematiek echter beschouwt men mij, ik spreek in bescheidenheid, als een vedette. Het is mijn overtuiging dat damproblematiek niet een geÔsoleerd, solistisch verschijnsel zou moeten zijn maar integraal onderdeel van het clubleven. Deze alternatieve uiting van dambeleving hoort thuis op de activiteitenkalender en in de opleiding, clubs die er onvoldoende aandacht aan besteden doen zichzelf en de rijke verscheidenheid van het damspel tekort. Ik voel me in mijn pleidooi voor promotie van de damproblematiek gesterkt met de toekenning van deze rubriek door mijn nieuwe club, vandaar het woord 'voorrecht' dat ik hierboven gebruikte. Dit is dus mijn debuut op de website van DC Purmerend '66, de gastvrije club waar een handvol ontheemde Hoornse dammers een paar maanden geleden is neergestreken. Vroeger, toen men mij toestond mijn kunsten te vertonen op de digitale pagina van de nu opgeheven Hoornse damvereniging Het Probleem, heette mijn probleemrubriek "Bladmuziek", door toedoen van de op lol beluste webmaster Leonardo Bakker omgedoopt in "eine kleine". Die rubriek trok geregeld bezoekers van verder landinwaarts, wat ik als een aanbeveling beschouw om op de destijds ingeslagen weg voort te gaan. Het komt er op neer dat de kijker eens per kwartaal een menu van pak hem beet zo'n tien damcomposities opgediend krijgt, met een toefje toelichting. Wie zelf de oplossingen van het voorgeschotelde wil zoeken mag zijn gang gaan, maar met uitzondering van de oploswedstrijd voor de jeugd is dat niet nodig want als je met een scheef/scheel oog naar beneden loenst of ook (als tenminste de applicatie in Purmerend net zo werkt als in Hoorn) wanneer je op de daarvoor bestemde button presst dan zie je zonder ook maar een greintje denkwerk te hoeven doen vanzelf wat de bedoeling is. Deze keer doe ik notatie door de witte zetten voluit te vermelden en zwarts handelingen, met uitzondering van schuif- en dwangzetten, achterwege te laten. In een volgende aflevering maken we wellicht de overstap naar de verkorte notatievorm (alleen het veld van aankomst wordt vermeld tenzij er meer vertrekvelden mogelijk zijn, dus 34-29 = 29 behalve als ook 33-29 mogelijk is, dan wordt 34-29 = 349; 34x23 = 23 tenzij ook 32x23 mogelijk is, dan wordt 34x23 = 343).

A B C

Samenstellers van damcomposities (problemisten) zijn in een bepaald opzicht in het voordeel ten opzichte van de partijspeler. In de rauwe realiteit van de wedstrijdsport zit je tegenover elkaar achter het bord als schepsels van vlees en bloed met elk, althans binnen de spelregels, een eigen keuze van handeling. De problemist treft tijdens zijn eenzame zoektocht een virtuele figuur als opponent, een makke marionet aan wie hij zijn wil kan opleggen. Hij kan zijn doel bereiken zonder afhankelijk te zijn van de medewerking van anderen. Cor Benjamens (wit) bijvoorbeeld had op dinsdagavond 23 oktober j.l. in zijn partij tegen ondergetekende een mooie finale in gedachten, maar het moest er in het echt nog maar van komen. Ik voelde het als een ongepaste daad om zijn uitsmijter te aborteren door de partij voortijdig op te geven en liet hem begaan met boerenkiespijn maar ook met de vreugde een problemist eigen als die iets moois gevonden heeft. Zie diagram a, waarin Cor het bord mocht leegvegen met 21-17,33-29,44-40,6-1,1x38. En, dacht ik bij mezelf, pik in 't is winter, met een beetje bijschaven moet van dit moois een echt damprobleem te maken zijn. Hoera!, gelukt op dia b, waarin het zo moet: 16-11, 17-12, 37-31, 33x11, 11-7, 44-40, 6-1, 1x38(25-30), 38-43(30-35), 43-49. Omdat er drie dia's op een rijtje kunnen zien we nog een derde plaatje met een wedstrijdfragment uit het Hoornse verleden. 20-9-2006: wit was de oude strijdmakker Remmert Sijm, die de overstap naar Purmerend versmaadde ten faveure van Edam-Volendam, en zwart was PK. Na de opening 31-27(19-23), 33-28(17-22), 28x19(14x23), 39-33(22x31), 36x27(10-14), 34-30(11-17), 44-39(6-11), 50-44(1-6), 30-25(14-19), 25x14(19x10), 41-36(17-21), 40-34(11-17), 44-40(21-26), 33-28(13-19), 38-33(9-13), 34-30(7-11), 40-34(15-20), 30-25(20-24), 34-30(10-14) is op de 20ste zet de diagramstand ontstaan. Mocht wit nu vervolgen met 46-41 dan kan zwart naar dam op bezet veld, een verschijnsel dat je in de wedstrijdpraktijk nu niet bepaald elke dag tegenkomt. Of het nemen van die combinatie, een luchtige mixture van de coups Philippe en Weiss, een hoog raadzaamheidsgehalte heeft, tja dat is een kwestie van vreugde in zelfkastijding; ik hield het liever voor gezien.

b- opgelapte oude barrels
Een damprobleem is een (aan voorwaarden beantwoordende) zelfbedachte constructie waarmee de ontwerper iets wil vertellen. Als definitie zal deze formulering wel kloppen, maar je kunt met de uitleg er van folianten vol schrijven en om de verschillen in inzicht met elkaar op de vuist. Geen zinvolle invulling van deze plek lijkt me. In een tijdsbestek van zo'n jaar of honderdvijftig zijn er minstens een miljoen erkende damproblemen geconstrueerd en geregistreerd, menigeen met technische mankementen. Het is de bedoeling dat een damprobleem 'af' is, dat wat wit betreft de winnende zettenreeks van kop tot staart (in de slotstand heeft zwart zijn laatste oortje versnoept of staat ie muurvast) eenduidig scherp is. Niet fraai is het wanneer er, los van zwarts tegenspel, meerdere winstgangen voor wit zijn. En nog minder geslaagd is een probleem waarin de door de auteur beoogde winst faalt omdat het sterkste tegenspel zwart de gelegenheid biedt om met een blauw oog en remise weg te komen. Toch staan de garages vol met dat soort kneuzen, de mijne ook. Soms slaagde ik er in om met een klein klopje de zaak uit te deuken; voor een zestal van die opgelapte exemplaren lijkt me dit een goede gelegenheid tot herintreding in het verkeer. Zie.

1 2 3

1 (= A 74-05a) 48-42, 47-41, 33x2(32-37*), 2x10, 10-5
Omdat het spul voor de halve coup Turc (48x28) al klaar staat is de levensloop van dit dreumesje uit het blote hoofd te volgen. Het gaat natuurlijk om de gedwongen* witte temposchuif 47-41 waardoor zwart nog een sprankje valse hoop krijgt. Niet 47-42, want dan komt de plakker (32-38) en doet hoop echt leven. Het origineel, met een wat voller bord, maakte ik in 1964 en het werd in september 1974 te boek gesteld in de verzamelbundel 4650 deel V als dia 4465. Maar daar mankeerde wat aan want er bleek een tweede winstgang in te zitten (we noemen dat: bijoplosbaarheid). Zonder al te zware medicijnen liet de patiŽnt zich genezen en eigenlijk is deze kleinere versie wel zo lieftallig.
2 (= A 80-02a) 34-30, 30-25, 25x3, 27-22, 40-34, 3x19, 45x34
Ook hier draait het weer om een halve Turkse slag, 3x19, zij het nu uitgevoerd door wit. Eerst gaat de zwarte dam naar zijn eigen achterland en moet de beschermende schijf 18 er eventjes worden uitgeprikt. Die zwarte dam maakt al met al trouwens een aardig reisje (48x12x40) alvorens ie in de golven omkomt. In de oorspronkelijke zetting (De Problemist, april 1980) staat de zwarte schijf 20 op 18 en bekijk zelf maar of je de geniepige bijoplossing die er dan in zit kunt vinden. Het vuiligheidje is er uitgehaald, maar dat ging ten koste van enig effect want er valt een meerslag overboord.
3 (= B 84-40a) 28-22, 33-29, 29-23, 42-37, 47x20, 40-34, 35x44
Een lief snoetje maar qua afwikkeling mag je dit gerust een nogal saai probleempje vinden, er komen geen dammen aan te pas en we beleven geen genotsmoment. Dit bleekneusje heeft een aardig maar ziek moedertje met wat meer schijven op het bord. Zet maar elf witte op 28,29,30,33,34,35,38,39,47,48,49 en elf zwarte op 4,11,12,14,15,19,20,21,25,27,31 en speel even mee: 49-44(4-9), 44-40(9-13), 28-23m(19x28), 33x22(27x18), 29-24(20x29), 34x23(25x32), 48-42(18x29) enz. Niet alleen dat de beginzetten minder dwingend zijn gebleken dan mijn bedoeling was, erger nog is het dat bij m wit direct uit de voeten kan met 29-24, 34x23 en hij maakt een winnende achterwaarts ingezette klapper. Mama had dus een bijoplossing onder de leden en de enige remedie die ik kon bedenken was de aderlating. Gepubliceerd in Damnieuws Oostelijk West-Friesland van 5 maart 1984.

4 5 6

4 (= B 88-11a) 24-20, 28-23, 23x5, 5x44(35-2), 34-30, 44-40, 49x40
Een standje dat zo weggelopen lijkt uit je flankspelpartij van onlangs. Na een meerslaghapje vooraf wordt zwart vervolgens beroerd door en van wits in- en aangrijpende tweede zet. Met de witte schijf 23 op 24 stond deze in De Problemist van december 1988; de oplossers joegen het geval destijds naar de gallemieze door te ontdekken dat de dwangzet waarmee ik de oplossing wilde laten beginnen faalt, immers na 24-20 slaat zwart (26x28!!) en de winst voor wit 20-14(9x20), 29-24(20x29), 34x1 blijkt illusoir als zwart riposteert met (10-14). Deze keer lukte het me wel om zonder al te veel bloedverlies het origineel met een minuscule ingreep op te kalefateren. 5 (= C 86-06a) 44-39, 47-41, 28-22, 39-34, 34x5, 50x28, 5x4
Waar zagen we de tempozet 47-41 ook weer eerder? De kurkentrekkerzet 39-34 laat de geest uit de fles. In de aanvankelijke presentatie (Het Parool, 29 maart 1986) stond wits schijf 40 op 39, maar dan zit er voor wit ook winst in met een Weiss-zetje. De facelift is geslaagd met behoud van het historische bordbeeld. 6 (= E 70-17a) 22-17, 37x28, 38-33, 47-41, 48-42, 33-29, 15x2, 2x10, 25x43
Net zoals zijn voorgangers is ook dit een 'slag' probleem, in de afwikkeling moet de combinatiefase het hem doen. De zwarte dam wordt getrakteerd op een fikse tippel, als een uitgelaten hond besnuffelt ie maar liefst vier lantaarnpalen (46x37x48x39). In juni 1970 was het origineel te bezichtigen in het inmiddels reeds lang ter ziele gegane damtijdschrift "De Rasdammer", maar dan met 27 op 32 en 21 op 23 en dus foei smerig bijoplosbaar.

c- koekhappen
Elke keer dat er een nieuwe editie van deze probleempagina verschijnt gaat me dat een versnapering kosten. Want ik eindig steeds met een prijswedstrijdje voor de jeugdbrigade van onze club. Op de diagrammen 7 t/m 9 zie je drie puzzeltjes die ik ter oplossing aan jullie voorleg; degene die dat (naar mijn beoordeling) het beste doet wordt benoemd tot seizoenkampioen koekhappen en krijgt als beloning een lekkertje van zijn gading. Wie ontdekt waarom er een lettertje m bij de derde opgave staat is goed bezig! Doe je best en het zou leuk zijn als je zelf ook eens iets probeert te maken, kom maar op met je ideeŽn.

7 8 9m

Op het internet tref je diverse dampagina's aan met allerlei nieuws en moois, ook wat betreft de problematiek. Zoek eens naar "Eric's damsite" van Eric van Dusseldorp, naar "Composite" van Hein Wilsens, en naar "Steenslag" van Siep Korteling. Zeer de moeite waard allemaal.