BLADMUZIEK (28)
vierde kwartaal 2012
door Pieter Kuijper

In deze dertiende en waarschijnlijk allerlaatste aflevering uit de bladmuziek reeks “wit dam op 47 tegenover zwart schijf op 37 aan zet” staan er bewerkingen in de etalage van motiefstanden waarvan de afwikkeling eindigt met (zx37), wDx47, ik benoemde ze ooit tot ‘type d2’. Eerst nog maar eens even de herhaling van mijn omschrijving uit editie 27: een motief(stand) is een positie, waarin zwart door het uitvoeren van een schuifzet een laatste strohalm tracht te grijpen, echter tevergeefs, want wit beschikt over een eenduidig scherpe winstgang. De vorige keer kon ik massa’s voorbeelden laten zien van het type d1, liefst 42 problemen waarin wit nadat de zwarte schijf naar 37 heeft geslagen het motiefspel afrondt met een damschuif naar veld 47. Vandaag heb ik met het type d2, damslag naar veld 47, kwantitatief heel wat minder aan te bieden; om precies te zijn: half zo veel. Ook deze soort laat zich onderverdelen in drieën, al naar gelang waar de zwarte schijf vandaan komt: a. van links vanaf of via veld 26, b. van rechts vanaf of via veld 28 of c. onderlangs via 48. Vanaf (of via) veld 26 dat is wel te doen, vooral dankzij de motieven a, b en c met een wit tussenkruipsel op veld 31; liefst in achttien van de eenentwintig geëtaleerde problemen doet zwart het met dit type d2a en veld 26. Gebruikmaking van veld 28 of 48 voor zwarts aanrijdroute naar 37 (de types d2b en d2c) bleek echter een diabolische taakstelling; dat heikele kunststukje wist ik slechts drie keer voor elkaar te krijgen.

d2a: de zwarte schijf slaat naar 37 vanaf of via veld 26, de witte motiefdam slaat vervolgens naar 47 Dit is dus de overgrote hoofdmoot van de voorstelling. We gaan van start met drie kleine voorbeeld diagrammen. Bijkans onvermijdelijk staat er tijdens de slotslag van de witte dam een zwart stuk gesitueerd op veld 41 of 42; een onverhuld blote zwarte schijf op veld 37 zou immers rijp zijn voor aanranding, voortijdig klaar voor het kistje. Staat het beschermstuk op veld 41 dan gaat/slaat de witte damslag achter schijf 37 langs, staat het op 42 dan voorlangs.

43 44 45

Dia 43 (26x37) 15x47 voorlangs
20-14 (19x10), 15x4 (22-28), 33x31 (24x42), 4-15 (26x37), 15x47
motief: wit schijven 29,33 en 38 en dam 4, zwart schijven 22,24,26 en 27
Een kind kan de was doen.
Dia 44 (26x37) 2x47 voorlangs
18-13 (22x31), 13x2 (31-37), 42x31 (26x37), 33-29 (24x42), 2x47
motief: wit schijven 33,38 en 39 en dam 2, zwart schijven 19,24,26 en 31
Wederom een fluitje van een cent.
Dia 45 (26x37) 4x47 achterlangs
12-7 ( 17x26), 7-2 (28-32), 2x4 (32x41), 29-23 (26x37), 34-30 (35x24), 23-19 (24x13), 4x47
motief: wit schijven 20,32,34 en 37 en dam 2, zwart schijven 10,13,20,26,28 en 35
Dit is een apart geval want de zwarte motiefschijf staat op het plaatje nog niet op veld 26, maar maakt een voorslag daarheen. Toch komt de slotslag vanaf en niet via veld 26. Wel flauw is dat tamme en ongehinderde schuiven naar dam op veld 2

Het kan ingewikkelder, zo zie je bij het volgende trio.

46 47 48

Dia 46 (26x37) 17x47 voorlangs
21-17 (12x21), 15-10 (6x28), 10x8 (3x12), 30-24 (29x20), 25x3 (21-26), 3x17 (26x37), 43-38 (33x42), 17x47
motief: wit schijven 31 en 43 en dam 3, zwart schijven 12,21,28 en 33
Ook in deze komt de zwarte motiefschijf van verderaf.
Dia 47 (26x37) 4x47 achterlangs
22-17 (1-7), 17-11 (16-21), 11x4 (21x41), 29-23 (26x37), 24-20 (15x24), 23-19 (24x13), 4x47
motief: wit schijven op 17,24,27,29,31 en 37, zwart schijven op 1,8,9,15,16 en 26 Dit probleem is na de startzet als het ware een motief op zichzelf.
Dia 48 (26x37) 4x47 achterlangs
38-33 (28x39), 47-41 (36x38), 29-23 (18x20), 25x5 (35x24), 5x7 (1x12), 6-1 (17-21), 1x15 (21x41), 15x4 (26x37), 4x47
motief: wit schijven 27,31 en 37 en dam 1, zwart schijven 12,13,17,24 en 26
Ook zo kan het plakidee op veld 21 worden uitgevoerd, net weer een beetje anders dan bij de vorige.

Na vertering van dit zestal komen we terecht bij de standaardmotieven. We beginnen in het jaar 1950 en komen dan de naam Bernard Kramer tegen, die in De Problemist van juni dat jaar als eerste een bewerking van zijn fraaie vondst op hulpdiagram b leverde. Het zou nog veertig jaar duren voor Jan Scheijen een elementaire versimpeling van dit tussenkruip motief op het spoor kwam (zie hulpdia a)..

a b b*

a. Eerst bekijken we Scheijen, die in de vroege jaren negentig met motief a op de proppen kwam. Zwart aan zet moet wel naar 42 schuiven en dan is na 19-24 de kat in het bakje. Het standje is lastig bewerkbaar, want tijdens zijn voorafgaande slag mag de witte dam de zwarte schijf op 37 vooral niet mee kunnen oppeuzelen. Dit lepe idee kreeg amper navolging, althans niet tot het jaar 2009. Onder het rubriekschrijven deed ik toen een herontdekking, met vijf K-producties tot gevolg resp. met dam op 10,14,19,23 en 28. Sla Bladmuziek 11 (vierde kwartaal 2009) er nog maar eens op na. Vandaag een setje Hoornse nieuwe op hetzelfde slotthema of een lichte modificatie daarvan. De clou van het bewerken is steeds om een tempo te vinden voor wit zijn tussenschuif op 31.

49 50 51

Dia 49 (26x37) 33x47 voorlangs
17-11 (16x9), 39-33 (38x20), 25x3 (35x24 de minst beroerde), 36-31 (6x17), 3x28 (37-42), 28-33 (26x37), 33x47
motief: wit schijf 31 en dam 28, zwart schijven 26 en 37 (Scheijen variatie)
Kraak noch smaak, dit ruige dingetje, maar om de witte dam op veld 28 te krijgen dat heeft nu eenmaal een extreme moeilijkheidsgraad en dan geeft alleen het klaarspelen al enige voldoening.
Dia 50 (26x37) 29x47 voorlangs
11-7 (2x11), 22-17 (21x23), 28x8 (39x37), 50x39 (34x32), 36-31 (3x12), 14x3 (25x14), 3x23 (37-42), 23-29 (26x37), 29x47
motief: wit schijf 31 en dam 23, zwart schijven 26 en 37 (Scheijen variatie) Wederom een tartende aanblik, maar je krijgt wel wat meer waar je kijkgeld; de tussenloop op 31 ligt er in de diagramstand niet duimendik bovenop, want schijf 37 moet nog gebracht worden. De witte dam dit keer op veld 23.
Dia 51 (26x37) 20x47 voorlangs
49-44 (40x49), 48-43 (49x38), 33x31 (26x37), 23-19 (17x26), 19-14 (10x19), 24x2 (15x44), 36-31 (35x24), 2x14 (37-42), 14-20 (26x37), 20x47
motief: wit schijf 31 en dam 14, zwart schijven 26 en 37 (Scheijen variatie)
Ook deze is niet de mooiste in zijn soort, maar wel de eerste die de witte dam via 14-20 naar zijn bestemming laat slaan.

52 53 54

Dia 52 (26x37) 20x47 voorlangs
24-19 (13x44), 30-24 (6x26), 15-10 (4x15a), 36-31 (40x29), 24x2 (15x24), 49x40 (45x34), 2x14 (37-42), 14-20 (26x37), 20x47 en de a-variant is al even scherp: (40x29), 24x2 (15x24), 49x40 (45x34), 2x14 (37-42), 14-37 (42x31), 36x27
motief: wit schijf 31 en dam 14, zwart schijven 26 en 37 (Scheijen variatie)
Een hele beste met verrassend combinatiespel, en al naar gelang zwarts keuze twee uiteenlopende spelgangen met verschillende finales. Er kan eventueel nog een zwarte schijf op 23 bij, in dat geval beëindigt de witte dam zijn rondslag op veld 28. In de diagramstand zou de witte schijf 20 ook op 19 kunnen. Dit keer is het de brilschijf 26 die gebracht wordt (zo’n formatie van twee witte schijven met een zwarte er tussen of twee zwarte met een witte er tussen noemen de insiders een ‘bril’).
Dia 53 (26x37) 20x47 voorlangs
30-25 (33x31), 25x3 (31-37), 36-31 (37-42), 3-20 (26x37), 29-23 (18x29), 20x47 motief: wit schijven 29 en 36 en dam 3, zwart schijven 18,26 en 31
Dia 54 (26x37) 9x47 achterlangs
47-41 (37x46), 50-44 (40x20), 25x5 (46x19), 5x3 (31-37), 36-31 (37-41), 3-9 (26x37), 18-12 (7x18), 9x47
motief: wit schijven 18 en 36 en dam 3, zwart schijven 7,26 en 31

En dan nu een eresaluut voor Bernard Kramer met zijn motiefstand b. De bewerking waarmee hij de introductie er van verzorgde had trouwens weinig om het lijf heeft. Zo gaat dat (zelfs met kwaliteitsauteurs) wel vaker, je hebt een idee voor een pakkend slot en dat wil je zo gauw mogelijk verzilveren. Een perfectere aankleding kan wachten tot later of is een klus voor collega’s. Sedert 1950 zagen een stuk of twintig bewerkingen van deze motiefvondst het levenslicht, waaronder één mijner (als dia 136 te zien in Bladmuziek 11).
Het Kramertje mag er wezen: na het weglopen (31-37) en de tussenschuif 26-31 komt zwarts ondergang over twee lijdenswegen, (37-41) wordt gevolgd door 2-13 slag achterlangs en (37-42) door 2-11 slag voorlangs. De stand ook kan worden aangepakt in een vervolgfase, met zwart al op veld 37 en wit al er tussen op veld 31 (hulpdia 2*). Dat had Kramer in oktober van het geboortejaar zelf al in de smiezen, maar de vier resultaten welke die verschraling bij Jan en alleman genereerde zijn niet om over naar huis te schrijven.
We voegen vandaag een nieuw drietal toe. Eerst op 56 en 57 bewerkingen het originele Kramermotiefje met de witte damslag naar veld 2 respectievelijk komende over links en over rechts. En op 58 een Kramer nageboorte, als waardevolle aanvulling op het viertal dat ik zojuist misprijzend bejegende.

55 56 57

Dia 55 (26x37) a 11x47 voorlangs en b 13x47 achterlangs, naar zwarts keuze 24-19(15x13), 38-32(37x30), 35x24(18x20), 25x3(45x34), 3x2 motief b
Dia 56 (26x37) a 11x47 voorlangs en b 13x47 achterlangs, naar zwarts keuze 28-23 (18x49), 38-32 (49x20), 25x3 (35x24 het meest weerbaar), 32x21 (16x27 die dan maar), 15-10 (5x14), 3x2 motief b
Schijf 11 kan ook op 7, maar liever niet, want dan missen we het foute slagwerk 3x6 en 3x7, instinkers die beide niet winnen
Dia 57 (26x37) a 11x47 voorlangs en b 13x47 achterlangs, naar zwarts keuze 38-32 (27x29), 19-13 (34x43 bij gebrek aan beter), 44-39 (43x25), 36-31 (18x9), 14x3 (25x14), 3x2 motief b* In dit geval moet de achterste soldaat wel op 7, anders gaat het onderweg ergens fout.

Voor de volgende soort zie ook Bladmuziek 11, vierde kwartaal 2009, diagram 137

58 59 60

Dia 58 (26x37) a 4x47 achterlangs en b 15x47 voorlangs, naar zwarts keuze 20-14 (10x19), 15-10 (4x15), 39-33 (28x48), 36-31 (48x30), 35x4 (37-41 b), 29-23 (26x37). 25-20 (15x24), 23-29 (24x13), 4x47 en b (37-42), 25-20 (15x33), 4-15 (26x37), 15x47 motief: wit schijven 25,29 en 31 en dam 4, zwart schijven 15,26 en 37 Ik vond een tweede dubbelmotief. De verpakking (met verlengde slag over zes zwarte nietsnutten) moet de lezer maar voor lief nemen.
Dia 59 (26x37) 1x47 achterlangs 50-44 (39x50), 49-44 (50x42), 47x38 (36x47), 21-16 (47x33), 28x8 (2x13), 45x23 (7-11), 16x7 (1x41), 6-1 (26x37), 22-18 (13x22), 23-29 (14x23), 1x47 motief: wit schijven,6,16,17,22,23,27,31 en 37, zwart schijven 1,7,10,13,14,20 en 26 Zwart neemt na wits combinatie heel rigoureus het heft in eigen hand, maar: waarheen, waarvoor?
Dia 60 (17x37) 4x47 achterlangs 16-11 (28x37), 11x2 (13-19), 2x15 (37-41), 26-21 (17x37), 15-4 (22x 2x15 (37-41), 26-21 (17x37), 15-4 (22x31), 4x47 motief: wit schijven 26,27 en 31 en dam 2, zwart schijven 13,17,18,20,22 en 37 De slag van de zwarte motiefschijf gaat bij deze kleine doerak via veld 26, de enige die ik van deze ondersoort vervaardigde.

d2b: de zwarte motiefschijf slaat naar 37 vanaf of via veld 28, de witte motiefdam slaat vervolgens naar 47 en d2c: de zwarte motiefschijf slaat naar 37 via veld 48, de witte motiefdam slaat vervolgens naar 47
Slaan met de zwarte motiefschijf vanaf 28 is me na straf monnikenwerk uiteindelijk twee keer gelukt, zij het tamelijk embryonaal. Waarschijnlijk is het een wereldprimeur, ik vond althans geen andermans productie. Voor de klus d2c zocht ik me de sappen uit de kieren. In de geleerde damlectuur zijn ze niet te vinden, motiefstandjes waarin alvorens de witte dam ter oppositie naar 47 slaat de laatste zwarte overlevende via 48 aan komt zeilen; zelf wist ik na oeverloos kauwen en herkauwen zowaar dia 42 op te hikken, ondanks een vuiltje toch niet wat je zegt een minkukeltje.

61 62 63

Dia 61 (28x37) 2x47 voorlangs 34-29 (45x23), 13-9 (4x13), 15x4 (23-28), 4x2 (28x37), 33-29 (24x42), 2x47
motief: wit schijven 32,33 en 38 en dam 4, zwart schijven 11,13,19,21,23 en 24
Dia 62 (28x37) 15x47 voorlangs 44-39 (33x31), 36x7 (35x33), 7-2 (23-28), 2x15 (28x37), 43-38 (32x43), 15x47
motief: wit schijven 32 en 43 en dam 2, zwart schijven 8,20,23,29,33
Dia 63 (39x37) 15x47 voorlangs 32-28 (12x21), 26x6 (36x27), 6-1 (33-39), 1x36 (39x37), 36-4 (24x42), 4x47 motief: wit schijven 29,38,42 en 43 en dam 1, zwart schijven 7,10,20,24,27 en 33

D47/37 zit er op en, eerlijk gezegd, blij toe. Volgend jaar geen vertogen meer over dit omvangrijke thema. Legio mogelijkheden leidend tot heel veel materiaal, het heeft ertoe geleid dat de rubriek onder mijn vingers is uitgedijd, wellicht veelvergend werd voor de belangstellenden. Daaraan komt nu een einde, beloof ik. Eerst nog even een luchtig winterrubriekje en daarna kan de lezer elk kwartaal rekenen op een ingetogen, handzaam en hapbaar vertelseltje, toegelicht met hooguit een dozijn dia’s.