BLADMUZIEK (7)
eerste kwartaal 2009
door Pieter Kuijper

Een witte dam op 47 tegenover een zwarte schijf aan zet op 37 (deel 1)

a: het jeugdhoekje
Dit zijn in de herhaling de zes plaatjes uit de starters corner van 'Bladmuziek 6'. Drie tweelingen, en telkens gaat wit voor de overwinning. Kijk maar even mee hoe dan wel.

55 57 59

56 58 60

Diagram 55: 19-14(10x23), 33x11(26x37), 11-7(1x12), 48-42(37x48), 6-1(48x34), 1x45
Diagram 56: 23-18(17x37), 18x7(14x23), 44-39(1x12), 48-42(37x48), 6-1(48x34), 1x45
Allebei met dezelfde slotstand, waarin zwart als laatste redmiddel nog een poging mag wagen om door te breken:
(30-34), 45x4 in nr. 55 en 45x5 in nr. 56 (35-40), 4-22 in nr. 55 en 5-28 in nr. 56 (40-45, 40-44 mag ook), 22-50 of 28-50.
Diagram 57: 24-19(14x21), 26x6(36x18), 6-1(14x23)
Diagram 58: 24-19(14x21), 26x6(36x18), 6-1(14x23)
Allebei hebben ze precies hetzelfde slagsysteem, maar de slotstand is verschillend. In 57 een witte dam die op veld 13 de laatste zwarte schijf de pas afsnijdt en in 58 een witte dam als kale, eenzame overwinnaar op veld 2.
Diagram 59: 16-11(21x41 zwart stelt de klap voor zijn harses een beurt uit), 42-37(41x43), 48x30(6x17), 30-25(36x27), 25x32
Diagram 60: 16-11(21x23 zwart stelt de dreun op zijn kanis een beurt uit), 33-28(23x43), 48x30(6x17). 30-25(36x27), 25x32
Allebei hetzelfde, alleen de ene keer gaat de zwarte schijf naar en van onderen en de andere keer naar en vanaf het midden.

67 68 69

Ik wens jullie een gelukkig nieuw jaar. En voor een bruisende start daarvan geef ik je een drietal karweitjes ter oplossing. Wit wint, en steeds zie je dezelfde slotstand op het bord verschijnen: een witte dam op veld 47 die een zwarte schijf op 37 nipt weet tegen te houden. Let op: kleine puzzeltjes zijn niet altijd de gemakkelijkste! Doe je best; wie ze alle drie weet op te lossen (en dat geldt ook voor Charles en Dick) mag op dinsdagavond zo rond half acht op mijn kosten bij Jan een lekkertje bestellen. Ik ben benieuwd.

b: werk voor gevorderden De oude rotten vreten vandaag mee uit dezelfde ruif als mijn jongere lezers, want ook de reeks van zes hieronder eindigt op de slotstand dam 47 tegen schijf 37. Die positie kan worden bereikt via al dan niet ingewikkeld motiefspel (zoals in de drie jeugdproblemen hierboven) maar ook direct in één klap aan het einde van het slagspel. Ik toon in deze aflevering constructies zonder motief, van het soort pats boem knal en klaar is Kees. Voor de talloze mogelijke motiefbewerkingen heb ik meerdere volgende afleveringen nodig; in het voorjaar maak ik een start daarmee en ze zullen vervolgens het hele jaar vermoedelijk wel uitdienen, dus maak de borst maar vast nat. Maar nu eerst het mepwerk recht voor zijn raap, drie eerder gepubliceerde werkstukken en drie new kids on the block.

70 71 72

Diagram 70, geplaatst in Het Damspel van juni 1954, wordt door de digitale boekhouding (de Probleemcollectie van de Turbo Dambase) toegerekend aan ene P. Kuijper, maar mijn naam is toch heus haas, in dat jaar had ik qua dammen de speen nog tussen de melktandjes. In de 'Index van de Nederlandse damproblemisten' zag ik geen melding van een vroegere naamgenoot, het ware auteurschap blijft dus een raadsel. Het probleem is trouwens best een knap ding, druk maar op de auto-knop en zie: 33-29(23x43), 25-20(14x34), 21-16(12x21), 16-11(6x28), 32x1(21x41), 1x45(26x37), 44-39(43x34), 45x47. Op dia 71 zie je hetzelfde slagprincipe in een wat minder fraai ogende stand maar wel wat speelser bij de kop gevat, en dit keer is het wel een serieus geval van PK, gepubliceerd in het Utrechts Nieuwsblad van 11 december 1976. Kijk maar weer even mee: 35-30(24x33 a.l.), 44-39(33x44), 49x40(38x49), 30-24(49x19), 16-11(6x28), 32x1(21x41), 18x9(4x13), 1-29(26x37), 29x47. a.l.: de zwarte schijf 24 mag kiezen over links of rechts maar wordt hoe altijd naar 44 gedeporteerd, grappig dat het allemaal niks uitmaakt, er komt hoe dan ook een witte dam op 19. Net even rijker dan bij zijn voorganger is ook de toevoeging van het lollige tussenslagje 18x9 en de vrije schuifzet van de witte dam naar veld 29, vertrekpunt voor de triomfantelijke slotslag. Dat het ook totaal anders kan zie je op plaatje 72, afkomstig uit Damnieuws Oostelijk West-Friesland van 11 november 1987. 34-30(45x34), 30-24(19x30), 28x8(3x12), 25-30(15x24), 33-29(24x42), 36-31(27x40), 16x7(34x43), 7-2(26x37), 2x47. Prachtig toch, hoe wit een dam op veld 2 weet te halen. En in tegenstelling tot de nummers 70 en 71 gaat deze keer de finale rondslag over schijf 42 als laatste zwarte pineut.

73 74 75

Diagram 73 is zeldzamer dan je denkt. Het is er eentje uit de kleine familie waarin de witte dam naar veld 47 wordt geschoven. 37-32(28x48 moet wel), 29-23(48x45), 23x3(45x7, of 45x12, slaan met 26 is niks, dan doet wit 18-12), 1x15(26x37), 15-47. Een grove stand op plaatje 74, maar het kan natuurlijk nog onnatuurlijker, kijk maar hierna. Huiver lekker mee bij het zien van: 43-38(32x43), 48x39(37x48), 46x37(48x45), 19-13(31x42), 13x31(26x37), 44-40(45x20), 25x3(35x24), 15-10(5x14), 3x47. Slaan naar 3 en dan 15-10(5x14) + rondslag is een wel heel goedkope aanpak, daarmee krijg je het publiek niet op de banken. Dat er al slaande een tempootje vrijkomt voor de tussenloop op veld 13 is enigszins aardig, net zoals de tweetrapslancering van de zwarte dam 48x45x20. Maar een highlight uit mijn carrière is deze wildebras nu niet bepaald. Op het ruige diagram 75 hangen de vliegen tegen het plafond. Echt een stand om nietsvermoedende clubgenoten en andere derde burgers uit onze damwereld te schofferen. En ook tijdens de afwikkeling gaat het er niet zachtzinnig aan toe. Voel maar: 28-22(39x28), 50x30(25x34), 22x33(31x11), 47-41(36x47), 46-41(47x9 of 47x4), 21-17(11x22), 19-13(9x18 of 4x18), 23x1(34x23), 1x45(38x29), 45x47. Zwarts dam wordt aan de haren naar veld 18 gesleept en daar gesloopt. Bloeddorstig werk.

De serie D47/37 z.a.z. wordt in april vervolgd met de eerste lichting motiefbewerkingen. Tot dan maar weer.