BLADMUZIEK (10)
derde kwartaal 2009
door Pieter Kuijper

Na de vrolijke hoogzomerrubriek in Bladmuziek 9 tijd voor wat meer diepgang, we vervolgen met waar we eerder dit jaar mee bezig waren. Hier is deel 3 uit de reeks "Een witte dam op 47 tegenover een zwarte schijf aan zet op 37".

a: het jeugdhoekje
Eerst even het triootje uit de jeugdrubriek van voor de zomer editie (bladmuziek aflevering 8, nrs 76 t/m 78) afhandelen.

76 77 78

In alle drie de gevallen kwamen we uit op dezelfde thematische slotstand D47/37 met zwart aan zet. De eerste twee waren volgens mij niet zo bijster moeilijk te vinden. Voor lui jong volk, jongelui dus: kijk maar even van onder de button mee. In dia 76 wint wit na 42-37 (31x33), dan de grappige meerslag 20-14 (28x50), 14x3. En nu geeft (46x19) nog de langste rek. Na 5x35 (doorslaan mag niet, je weet wel: de spelregels) heeft zwart diverse mogelijkheden. Zo bekort (8-13), 35x26 de pijn, dat noemen we harakiri. Weglopen met (8-12) kan ook, maar dan gaat de witte dam naar 13 en komen allebei de zwarte schijven er niet meer door. Nee, dan maar liever rennen voor je leven (21-27), 35x2 (27-32, over de hoofdlijn met die handel), 2-24 (32-37), 24-47 en op het nippertje toch nog geblokkeerd. Ook in dia 77 trekt wit het maar nipt: 17-12 (26x8), 32-28 (33x31), 44x2. En weer spartelt zwart nog z'n heftigst tegen door de bedreigde schijf niet te verdedigen maar een ultieme doorbraakpoging te proberen met (31-36), 2x35 (36-41). Wit is echter de gierigste niet en mag na 42-37 (41x32), 35-24 (32-37), 24-47 opnieuw juichen. Maar nu die derde, dia 78. Dat was een lastig kluifje, en niet alleen voor de jeugd. Iedereen naar de knoppen, daar gaat ie. We gaan van start met 23-19 en daar kijkt menigeen raar van op (36x29), 19x8 (3x12, de slimste, zo zal aanstonds blijken), 30-24 (29x20), 25x5 en daar sta je dan. Deze vreemde stand is in 1988 bedacht door de vermaarde Limburgse damproblemist Jan Scheijen. Wegens de dreiging met 22-18 lijkt de weg naar witte winst nu een eitje, maar dan wel een uitgekookt exemplaar want zwart pleegt een spitsvondige tegenactie en ruilt (11-17), 22x11 (17x6). De witte dam staat verkeerd en lijkt niet op tijd te kunnen komen op de drie zwarte restschijven achter de diagonaal 4/36 te klemmen, maar schijn bedriegt: 5-23! en wat moet zwart nu? Keuze uit twee mogelijkheden, sluiten of weglopen. Sluiten met (2-7)? Maar dan komt 23-29 (16-21), 29-38 (21-26), 38-27 en zitten ze toch met zijn drien met gebakken peren achter slot en grendel. Nee, opnieuw is de kansrijkste optie om de bedreigde schijf prijs te geven en er de sokken in te zetten. Dus (16-21), 23x1 (21-27), 1-23 heen en weer (2-7, nog meer hout er tegenaan gegooid), 23x1 (27-32), 1-29 (32-37), 29-47, en daar heb je het weer.

Ook in het nieuwe trio klinkt het bekende slotakkoord. De eerste twee plaatjes zijn wel heel opzichtig kinderen van n vader (dia 107 kan trouwens ook zonder de schijven 16 en 2, maar diezelfde schijven bijplaatsen in dia 106 laat het zaakje falen). Wel is de oplossing aan het slot van het tweede diagrammetje een stukje moeilijker te vinden, maar ik acht jullie kundig genoeg om er toch uit te komen. Dia 108 kan naar de plastische chirurg voor een lichte borstvergroting, zet de schijven 25 en 42 op 20 en 33 en voeg een witje op 38 en een zwartje op 27 toe, en je hebt een cupmaatje groter voor dezelfde 'inhoud'.

106 107 108

Een Marsreep of iets soortgelijks naar keuze voor wie me op de clubavond een correcte oplossing laat zien. In elk geval moet 108 kunnen lukken, als je de clou hebt ontdekt is die echt niet zo moeilijk. Ik deel graag uit !!

b: seniorenwerk

a b c

Na wat freewheelen in twee eerdere afleveringen wil ik ons thema (diagram a, zwart is met zijn zielige schijf 37 aan de beurt en gaat daarmee ten onder aan de witte dam die hem op veld 47 de weg verspert) deze keer anders geordend aanpakken. Daartoe wordt de vraag gesteld: "hoe zijn die stukken van de eindstand op hun plek terecht gekomen?" a. De witte dam. Zwart is aan de beurt en de witte dam heeft dus als laatste bewogen. Die beweging kan geweest zijn een schuif of een slag. En de dam kwam van links (vanaf of via veld 36 dus) of van rechts (vanaf of via een van de velden 15,20,224,29,33 of 38). Andere smaken zijn er niet. Deze aflevering van bladmuziek is enkel gewijd aan de witte damschuif, en wordt dus vervolgd. b. De zwarte schijf. En wat heeft de zwarte schijf gedaan, voorafgaand aan zijn blokkering? Is ie onberoerd aanwezig sedert de beginstand? (zeldzaam en flauw, maar niet onmogelijk). Of heeft ie bewogen? Zo ja, dan zijn er weer twee bewegingstypes voorhanden, schuiven en slaan. Schuiven kan vanaf links (veld 31) of vanaf rechts (veld 32). Was de laatste actie een slag, ook in dat geval over links (vanaf of via veld 26), of rechts (vanaf of via veld 28), maar ook over rechtsonder (niet vanaf maar wel via veld 48).

a.1 slotschuif met de witte dam naar 47

109 110 111

Dia 109 vanaf 36 Oplossing: 31-27 (22x31), 34-29 (45x14), 20x9 (keuze, bijvoorbeeld 16x27), 39-33 (38x20), 25x5 (4x13), 41-37 (32x41), 4x36 en nu een grappig standje dat dateert uit 1983, een vondst van de Limburger Bert Fermin (31-37), 36-47
Dia 110 vanaf 36 Oplossing: 37-31 (35x33), 31x22 (18x27), 38x9 (4x13), 15x4 en nu een ideetje van mezelf (25-30), 4x36 (30x37), 36x47
Dia 111 vanaf 15 Oplossing: 40-34 en die witte schijf kon dus ook vanaf 39 (30x48), 37-31 (36x38), 42x4 (23x32), 47-42 (48x37 moet wel), 26-21 (16x27), 4x42 vanaf hier dateert de finale (bedacht door Bernard Kramer) uit 1932 (14-20 en die zwarte schijf kon dus ook vanaf 15), 42x15 (32-37), 15-47
(zie voor dam 15 schuift naar 46 ook de dia's 69 en 73 uit deel 1 en 79 en 80 uit deel 2)

112 113 114

Dia 112 vanaf 20 Oplossing: 32-27 (12x23), 38-32 (29x38), 22-18 (13x31), 32-27 (31x22), 43x32 (34x43), 49x38 (40x49), 32-27(49x21), 16x20 (25x14), 35x4 het standje nu is eerst even van Jan Pennings uit 1942 (7-12), 4x15 en vervolgens komt het standaardmotief van A. Yves le Goff uit 1914 op tafel (dia b boven), hier de ter zake doende hoofdvariant: (12-17), 15-42 (17-21), 42-26 (21-27), 26-3 (14-20), 3x25 (27-32), 25-20 (32-37), 20-47
Dia 113 vanaf 20 Oplossing: 44-40 (36x27), 37-31 (45x25), 31x13 en nu een grapje uit eigen koker (25-30 wel gedwongen), 26x8 (30x28), 13-9 is ie niet gis? (3x14 de scherpe variant), 8-3 en de rest is een extract uit Yves le Goff, zie hiervoor.
Dia 114 vanaf 24 22-17 (11x22), 27x29 (16x38 keuze), 33x42 (24x22), 15x2 (36x27), en nu weer iets fruitigs uit eigen kweek 2-11 (27-32 er is niets beters), 16x35 (32x41), 42-37 (41x32), 35-24 (32-37), 24-47
(zie voor dam 24 schuift naar 47 ook de dia's 76, 77, 81, 82, en 83 uit deel 2 en dia 107 hier in het jeugdkatern)

115 116 117

Dia 115 vanaf 29 Oplossing: 29-23 (36x47), 24-19 (47x bijvoorbeeld 45 keuze), 19x10 (5x14 keuze), 28-22 (35x24), 13-8 (2x13), 18x29 (27x18), 23x1 en nu als taaiste (45x23a), 1x29 (31-37), 29-47 maar ook mag de snelle dood a(45x7), 1x36 (zie voor dam 29 schuift naar 47 ook de dia's 67 en 68 uit deel 1, dia's 78 en 84 uit deel 2 en dia 108 hier in het jeugdkatern)
Dia 116 vanaf 33 Oplossing: volgens de principes van het zetje van Weiss 17-11 (7x16), 22-18 (23x12), 33-29 (24x33), 32-28 (33x22), 17x7 (16x36), 50-45 (2x11), 45x5 en nu (dia c boven) een variatie op een oude ingeving van Jan Scheijen uit 1941 (36-41), 5x6, (41x32), 1-33 (32-37), 33-47 (zie voor dam 33 schuift naar 47 ook de dia's 86 en 87 uit deel 2)
Dia 117 vanaf 38 Oplossing: 22-18 (13x22), 49-43 en die witte kon dus ook vanaf 48 (39x48), 37-31 (48x19), 24x2 (35x33), 2-38 geinig dat de buit wordt vergooid als je verder slaat (26x37), 38-47 (zie voor dam 38 schuift naar 47 ook dia 106 hier in het jeugdkatern).

Tot de volgende keer, wanneer de witte dam naar 47 slaat vanaf of via.

Pieter